Storytelling in tekst: waarom feiten alleen niet blijven hangen

Storytelling in tekst - Hand die een polaroidfoto van iemand bij een zonsondergang op een printout met grafieken legt, warm licht op een houten bureau
Storytelling in tekst - Hand die een polaroidfoto van iemand bij een zonsondergang op een printout met grafieken legt, warm licht op een houten bureau

Snel antwoord:
Feiten en cijfers overtuigen je lezer niet als eerste, een herkenbaar gevoel of situatie doet dat. Storytelling in tekst betekent: schets eerst het moment of het gevoel, en laat de feiten daarna volgen als onderbouwing.

Je hebt vast weleens een tekst geschreven die feitelijk klopt, goed onderbouwd is, en toch niemand lijkt te raken. Niet omdat de inhoud slecht is. Omdat feiten alleen zelden de reden zijn waarom iemand iets onthoudt of ergens actie op onderneemt. Storytelling in tekst lost dat op, en het is minder zweverig dan het klinkt.

Waarom onthoud ik een verhaal wel, en een feit niet?

Je brein slaat informatie niet op zoals een dossierkast, netjes op alfabet. Het slaat vooral op wat een gevoel oproept: herkenning, spanning, opluchting. Een kaal feit heeft daar weinig aan vast te knopen, en verdwijnt daardoor sneller.

Een verhaal of situatie werkt anders. Zodra je lezer zich iets kan voorstellen, een moment herkent of een emotie voelt, ontstaat er een soort haakje in het brein. Het feit dat je daarna vertelt, hangt aan dat haakje vast, en blijft daardoor makkelijker zitten.

Neurowetenschappers van McGill University hebben zelfs laten zien dat de manier waarop je een verhaal vertelt bepaalt welke hersennetwerken je lezer gebruikt om het te onthouden, en dat mensen verhalen met gevoel en betekenis (in plaats van kale, feitelijke details) prettiger vinden om te onthouden.

Dat is ook precies waarom cijfers in een rapport zelden beklijven, terwijl één goed voorbeeld daarna nog weken wordt aangehaald. Niet omdat het voorbeeld belangrijker is dan de cijfers, maar omdat het brein het voorbeeld nu eenmaal beter vasthoudt.

Wat gebeurt er als je met feiten begint?

Een herkenbaar scenario: je wilt uitleggen waarom een goede planning je klant tijd en geld bespaart. Je begint met: “Uit onderzoek blijkt dat slechte planning gemiddeld 15 procent van de beschikbare tijd verspilt.” Feitelijk klopt het, maar je lezer voelt er weinig bij. Het is een getal over een anonieme groep mensen, niet over hem.

Vergelijk dat met deze opening: “Je hebt vast weleens om vier uur ’s middags gemerkt dat de helft van je takenlijst nog openstaat, terwijl je de hele dag druk bent geweest.” Dat is geen feit, het is een herkenbaar moment. Je lezer voelt de lichte paniek van die vier uur al voordat je één cijfer hebt genoemd. Vertel je daarna dat slechte planning gemiddeld 15 procent van de tijd kost, dan landt dat cijfer in een context die al leeft, in plaats van in het luchtledige.

Het probleem zit dus niet in de feiten zelf. Het probleem is de volgorde: feiten die vooropstaan, missen een haakje om aan vast te blijven zitten. Let wel: een herkenbaar moment is geen aanloopje vóór de kern, het ís de kern, alleen verpakt als situatie in plaats van als cijfer. Je lezer moet zich in die eerste zin al herkennen, precies zoals bij elke andere directe opening.

Hoe pas je storytelling in tekst toe, zonder zweverig te worden?

Begin met het moment, niet met het cijfer. Vraag jezelf af: wanneer merkt mijn lezer dit probleem zelf, in zijn eigen dag? Beschrijf dat moment concreet, met details die herkenbaar zijn (het tijdstip, de plek, het gevoel), voordat je de onderbouwing erbij haalt.

Dat is geen kwestie van bloemrijk of zweverig schrijven. Het gaat om precisie: een concreet, herkenbaar moment schetsen kost vaak niet meer woorden dan een droog feit, het staat alleen in een andere volgorde. Je vervangt het cijfer niet, je geeft het een plek om te landen.

Let er wel op dat het moment klopt met je eigen lezer. Een voorbeeld dat voor jou herkenbaar is, hoeft dat voor je doelgroep niet te zijn. Dit raakt trouwens ook aan het vinden van de juiste lezersvraag: een goed gekozen moment is vaak niets anders dan de situatie waarin die vraag bij je lezer opkomt.

Genoeg gelezen? Pak een tekst waarin je een feit of cijfer noemt, en check: staat er vóór dat feit al een moment dat je lezer herkent, of begint je tekst meteen met het getal?

Veelgestelde vragen

Betekent dit dat feiten en cijfers niet belangrijk zijn?

Nee, ze blijven belangrijk voor onderbouwing en geloofwaardigheid. Het gaat om de volgorde: laat eerst het gevoel of het moment landen, en gebruik het feit daarna om dat te bevestigen.

Werkt dit ook bij heel technische of cijfermatige content, zoals een jaarverslag?

Ja, al vraagt dat soms om een kleiner, subtieler moment dan bij een blog. Zelfs een enkele herkenbare zin vooraf (“herken je dat je aan het einde van het kwartaal nog steeds moet puzzelen met de cijfers?”) kan al genoeg zijn om een lezer een haakje te geven voordat de tabellen volgen.

Hoe vind ik een moment dat bij mijn lezer past?

Denk aan het gesprek dat je met een klant had vlak voordat hij besloot met je in zee te gaan. Wat zei hij op dat moment letterlijk over zijn situatie? Dat is vaak al het moment dat je zoekt.

Is dit hetzelfde als schrijven vanuit lezersvragen?

Verwant, maar niet hetzelfde. Schrijven vanuit lezersvragen bepaalt welke vraag je beantwoordt. Storytelling in tekst bepaalt hoe je die vraag inleidt: met een herkenbaar moment, voordat de feitelijke onderbouwing volgt.

Is dit niet in strijd met het advies om de kern bovenaan te zetten?

Nee, het is een andere verpakking van hetzelfde principe. Kern bovenaan betekent: laat je lezer meteen voelen dat de tekst over hem gaat, zonder omwegen. Een herkenbaar moment doet dat net zo goed als een blote conclusie, vaak zelfs beter, want de lezer herkent zichzelf al in de eerste zin. Wat niet kan, is een lange aanloop die pas na een paar alinea’s duidelijk maakt waar de tekst over gaat. Het moment zelf moet dus net zo direct en herkenbaar zijn als een kort, feitelijk antwoord dat zou zijn.

De vraag die je klant écht stelt (en die jij niet beantwoordt)

Hand die een kaartje met een vraagteken van het midden van een stapel naar voren verplaatst, warm licht op een houten bureau

Snel antwoord:
Veel vakinhoudelijke teksten zijn geschreven vanuit wat jij weet en kunt, niet vanuit de vraag die in het hoofd van je lezer speelt. Wil je dat je tekst blijft hangen? Begin dan bij die vraag, niet bij je eigen verhaal.

Je kent je vak door en door. Dat is precies het probleem. Want hoe meer je weet, hoe groter de kans dat je schrijft vanuit alles wat jij interessant vindt aan je expertise, in plaats van vanuit wat je lezer eigenlijk wil weten.

Waarom schrijf ik toch steeds vanuit mezelf?

Het is een menselijke valkuil, geen slordigheid. Als expert zit je vakkennis zo diep in je systeem, dat je bijna automatisch vertelt hoe je tot iets komt: je opleiding, je jarenlange ervaring, de nuances die jij zo boeiend vindt. Dat voelt logisch, het is tenslotte je vak.

Maar je lezer is niet op zoek naar jouw verhaal. Hij is op zoek naar het antwoord op zijn eigen vraag. Kan deze persoon mij helpen? Snapt zij mijn situatie? Is dit voor mij? Zolang je tekst daar niet snel antwoord op geeft, blijft je lezer zoeken, ook al staat er verderop in je tekst misschien precies het antwoord dat hij nodig heeft.

Blijft die vraag onbeantwoord, dan gebeurt er iets vervelends: je lezer voelt zich niet gezien. Niet omdat je tekst onvriendelijk is, maar omdat hij nergens leest “ik snap jouw situatie”. Dat gevoel van niet gezien worden maakt een lezer onzeker, en een onzekere lezer haakt vaker af voordat hij het antwoord vindt dat verderop misschien wel op hem wacht.

Welke vraag stelt jouw lezer nu eigenlijk?

Dit vraagt om een klein perspectiefwisseling. In plaats van te beginnen met “wat wil ik vertellen”, begin je met “welke vraag brengt iemand naar deze pagina”. Dat klinkt simpel, maar de meeste teksten zijn niet op die vraag gebouwd.

Een paar voorbeelden van hoe dat werkt. Bij een dienstenpagina is de vraag zelden “wat houdt deze dienst precies in”, maar vaker “kan dit mijn probleem oplossen, en hoe snel”. Bij een instructieve of adviserende blog, zoals dit blog, is de vraag niet “wat vindt de schrijver hiervan”, maar “wat moet ik hiermee, concreet” (bij een verhalend of merkopbouwend blog ligt dat overigens iets genuanceerder, daar mag de vraag ook gewoon “vermaak of herken mij” zijn). En bij een “over mij”-pagina is de vraag bijna nooit “wat heeft deze persoon gestudeerd”, maar altijd “is dit iemand die mij kan helpen, en bij wie ik me prettig voel”.

Zodra je die achterliggende vraag helder hebt, wordt schrijven ineens een stuk makkelijker. Je hoeft niet meer te bedenken wat je allemaal kwijt wilt. Je hoeft alleen nog maar antwoord te geven.

Waar gaat dit vaak mis?

Een herkenbaar voorbeeld: mijn eigen “over mij”-pagina opende met mijn studie en carrièrepad. Pas halverwege stond de zin die er eigenlijk toe deed: “Herken je jezelf daarin?” Precies dat is de vraag van mijn lezer: is dit iemand voor mij? Maar die stond verstopt onder alinea’s over rechten, MER en mijn tijd bij Voor Tekst. Een scannende bezoeker (en die heb je, zoals we al schreven over de kern bovenaan zetten) was daar allang overheen gescand voordat hij bij het antwoord kwam.

Herken je dit bij jezelf? Kijk dan eens kritisch naar je eigen “over mij”-pagina: welke zin beantwoordt daar eigenlijk de vraag “is dit iemand voor mij”, en op welke regel staat die?

Hetzelfde patroon zie je op dienstenpagina’s. Daar begint de tekst vaak met de naam van de dienst en een opsomming van wat die allemaal inhoudt, terwijl de lezer maar één ding wil weten: lost dit mijn probleem op, en wat kost me dat. Staat die vraag pas na drie alinea’s uitleg over je werkwijze, dan ben je de lezer al kwijt voordat hij bij de kern komt.

In beide gevallen weet je allang genoeg om de vraag te beantwoorden. Wat ontbreekt, is dat je die kennis pas laat volgen ná het antwoord, in plaats van ervoor.

Hoe schrijf je wél vanuit de vraag van je lezer?

Begin met de vraag zelf hardop te formuleren, voordat je één zin schrijft. Niet “wat wil ik over mezelf vertellen”, maar “welke twijfel of vraag heeft iemand als hij op deze pagina komt”. Schrijf die vraag letterlijk op een blaadje, boven je concept.

Beantwoord die vraag vervolgens in de eerste twee, drie zinnen van je tekst. Pas daarna mag de achtergrond, de nuance en het bewijs volgen: je opleiding, je ervaring, je aanpak. Dat bewijs is niet overbodig, het onderbouwt alleen het antwoord dat je net al gaf, in plaats van dat het antwoord moet vervangen.

Merk je tijdens het schrijven dat je toch weer begint bij jezelf, bij “ik heb”, “ik ben” of “mijn aanpak”? Dan is dat het teken om even te stoppen en de vraag van je lezer er weer bij te pakken. Niet om je verhaal te schrappen, maar om te bepalen waar het in je tekst hoort te staan: bij het antwoord, of pas erna.

Genoeg gelezen? Pak je eigen “over mij”-pagina, dienstenpagina of laatste blog erbij, en stel jezelf deze drie vragen. Welke vraag stelt mijn lezer zich op het moment dat hij deze tekst opent? Op welke regel geef ik daar antwoord op? En staat dat antwoord al in de eerste twee, drie zinnen, of moet mijn lezer daar eerst voor zoeken?

Veelgestelde vragen

Betekent dit dat mijn eigen verhaal er niet meer toe doet?

Nee, je verhaal blijft belangrijk voor vertrouwen en herkenning. Het gaat om de volgorde: zet eerst het antwoord op de vraag van je lezer neer, laat je verhaal daarna het bewijs leveren.

Hoe weet ik welke vraag mijn lezer precies stelt?

Kijk naar wat klanten je in gesprekken en offertetrajecten al vragen, en naar de twijfels die ze uitspreken voordat ze besluiten met je te werken. Die twijfel is meestal de vraag die je tekst moet beantwoorden. Een tool als AnswerThePublic kan daarbij helpen: die laat zien welke vragen mensen rond een zoekterm daadwerkelijk stellen, als aanvulling op wat je zelf al uit klantgesprekken weet.

Werkt dit ook voor technische of vakinhoudelijke content, waar juist veel uitleg nodig is?

Ja. Ook daar begin je met de vraag (bijvoorbeeld: werkt deze aanpak voor mijn situatie), en volgt de technische onderbouwing pas na een kort, helder antwoord.

Is dit hetzelfde als de kern bovenaan zetten?

Verwant, maar niet hetzelfde. De kern bovenaan gaat over de opening van je tekst, ongeacht het onderwerp. Schrijven vanuit lezersvragen gaat een stap dieper: het bepaalt welke vraag die opening precies moet beantwoorden.

Wat is de eerste stap om vanuit lezersvragen te schrijven?

Formuleer voordat je gaat schrijven de vraag van je lezer letterlijk in een zin, bijvoorbeeld “kan deze contentschrijver/ sales goeroe / business coach mij helpen”. Schrijf daarna eerst het antwoord op die vraag op, en bouw pas daarna de rest van je tekst eromheen.

Werkt dit ook voor technische of vakinhoudelijke content, waar juist veel uitleg nodig is? Ja. Ook daar begin je met de vraag (bijvoorbeeld: werkt deze aanpak voor mijn situatie), en volgt de technische onderbouwing pas na een kort, helder antwoord.

Is dit hetzelfde als de kern bovenaan zetten? Verwant, maar niet hetzelfde. De kern bovenaan gaat over de opening van je tekst, ongeacht het onderwerp. Schrijven vanuit lezersvragen gaat een stap dieper: het bepaalt welke vraag die opening precies moet beantwoorden.

Wat is de eerste stap om vanuit lezersvragen te schrijven? Formuleer voordat je gaat schrijven de vraag van je lezer letterlijk in een zin, bijvoorbeeld “kan deze contentschrijver mij helpen”. Schrijf daarna eerst het antwoord op die vraag op, en bouw pas daarna de rest van je tekst eromheen.

Waarom leest bijna niemand jouw blog helemaal uit?

Close-up van een hand die met een gele markeerstift alleen de eerste regels van een document markeert, warm licht op een houten bureau

Snel antwoord:
Je lezer scant, hij leest niet. Dat is geen luiheid, dat is hoe zijn brein werkt. Hij vliegt over je tekst en blijft alleen hangen als hij meteen ziet wat hij zoekt. Zet daarom de kern van je verhaal bovenaan. Pas daarna volgt de rest.

Je hebt er vast weleens van gebaald: een blog waar je uren in stak, met precies de juiste nuance en alle achtergrond die je klant nodig heeft. Trots klik je ‘m live. En dan zie je in Analytics dat mensen na twintig seconden alweer weg zijn. Niet omdat je tekst slecht is. Omdat je lezer hem nooit echt gelezen heeft.

We schreven al eerder over de 7 seconden die je hebt om een lezer vast te houden, en waarom scannen voor je brein een kwestie van overleven is, niet van luiheid. In dit blog ga ik een stap verder: hoe pas je dat concreet toe op de opening van je tekst, per kanaal waar jij dagelijks mee werkt?

Wat gebeurt er in het brein van je lezer?

Kort samengevat: ons brein is voortdurend aan het filteren. Van alle prikkels die binnenkomen, moet het razendsnel bepalen wat belangrijk is en wat genegeerd kan worden. Lezen kost daarbij relatief veel energie, dus het brein zoekt naar de snelste route naar de informatie die het nodig heeft.

Zolang die route niet duidelijk is, blijft de lezer op zijn hoede. Onrustig, een beetje wantrouwend zelfs. Pas als hij vindt wat hij zoekt, ontspant hij. En een ontspannen lezer leest verder, neemt meer op en onthoudt meer van wat je te vertellen hebt.

De Amerikaanse marketeer Seth Godin legt dit graag uit met een beeld: lezers zijn als nerveuze aapjes die maar één ding willen, en dat willen ze nu. Krijgen ze niet snel genoeg waar ze voor kwamen, dan haken ze af. Terug naar Google, bijvoorbeeld.

Dat betekent dus: hoe sneller jij laat zien wat je lezer hier komt halen, hoe groter de kans dat hij blijft. Niet omdat hij dom is of geen tijd heeft. Omdat zijn brein zo werkt.

Waar loopt het mis in jouw teksten?

Herkenbaar voorbeeld één: de offerte-mail. Je begint met een vriendelijke opening, een stukje over het weer of het fijne gesprek van vorige week, gevolgd door twee alinea’s uitleg over je werkwijze. Pas onderaan staat het bedrag en de vraag of je opdrachtgever akkoord gaat. Die opdrachtgever scant naar het enige dat er echt toe doet: wat kost het en wat moet ik doen. Vindt hij dat niet snel, dan legt hij de mail opzij. Voorgoed, vaak.

Voorbeeld twee: de LinkedIn-post. Je begint met een anekdote om nieuwsgierigheid te wekken, helemaal volgens het boekje. Maar pas in de vierde regel wordt duidelijk waar de post eigenlijk over gaat. LinkedIn toont standaard maar twee tot drie regels voordat iemand op “meer weergeven” moet klikken, dus je anekdote wordt letterlijk afgekapt voordat de kern in beeld komt. De meeste lezers klikken die klik niet. Ze hebben de eerste twee zinnen gezien, geen aanknopingspunt gevonden, en scrollen door.

Voorbeeld drie: de nieuwsbrief. Je opent met “Wat hebben we een mooie maand achter de rug”, gevolgd door een terugblik. Leuk om te schrijven, maar je lezer wil weten wat dit voor hém betekent. Staat die informatie pas halverwege, dan heb je hem al verloren voordat hij er is aangekomen.

In alle drie de gevallen is er niets mis met de inhoud. Het probleem zit in de volgorde. De belangrijkste informatie staat verstopt, terwijl de lezer allang is afgehaakt voordat hij daar komt.

Hoe zet je de kern bovenaan?

Vraag jezelf bij elke tekst af: wat komt mijn lezer hier doen of halen? Dat antwoord is de kern van je verhaal. En die zet je bovenaan, in de eerste zin als het even kan.

Voor de offerte-mail betekent dat: begin met het bedrag en de vraag om akkoord, en bewaar de toelichting voor daarna. Voor de LinkedIn-post: maak in de eerste regel al duidelijk waar de post over gaat, ook als je met een anekdote opent. Voor de nieuwsbrief: open met wat relevant is voor de lezer, niet met wat relevant is voor jou.

Dat vraagt om een klein stukje discipline. Je moet soms een leuke opening laten staan tot de tweede alinea, of een nuance pas later toevoegen. Maar het resultaat is een lezer die blijft, in plaats van een lezer die na twee zinnen alweer terug is bij Google.

Denk dus niet alleen na over wát je wilt vertellen, maar vooral over de volgorde. Zet de kern bovenaan. De rest van je verhaal krijgt daarna vanzelf de aandacht die het verdient.

Genoeg gelezen? Tijd om je eigen laatste blog, mail of post erbij te pakken en te checken: staat jouw kernboodschap bovenaan, of moet je lezer er eerst naar zoeken?

Veelgestelde vragen

Is scannend lezen hetzelfde als slordig of oppervlakkig lezen?

Nee. Scannen is de manier waarop vrijwel iedereen een nieuwe online tekst voor het eerst benadert, ongeacht intelligentie of interesse. Pas als de eerste scan iets relevants oplevert, schakelt een lezer over naar echt lezen.

Werkt dit ook voor langere, vakinhoudelijke content?

Ja, en juist daar is het extra belangrijk. Hoe complexer of langer je tekst, hoe sneller een lezer wil weten of het de moeite waard is om door te lezen. Een heldere opening werkt dan als bewijs dat de rest ook de moeite waard is.

Betekent dit dat ik geen pakkende anekdote meer mag gebruiken als opening?

Zeker wel, zolang je lezer binnen de eerste paar zinnen ook snapt waar het heen gaat. Een anekdote mag de opening zijn, als de kern er meteen achteraan komt.

Hoe pas ik dit toe als ik meerdere doelgroepen in één tekst aanspreek?

Kies per tekst welke lezer op dat moment het zwaarst weegt, en laat die keuze leidend zijn voor je opening. Probeer je iedereen tegelijk te bedienen bovenaan, dan verwatert je opening en verlies je juist iedereen.

Moet je vermelden dat je tekst door AI is gemaakt?

Ondernemer die nadenkt achter laptop met open notitieblok, symbool voor transparantie en eigen verantwoordelijkheid bij AI-gebruik
Ondernemer die nadenkt achter laptop met open notitieblok, symbool voor transparantie en eigen verantwoordelijkheid bij AI-gebruik

Blogserie: Hallo AI, schrijf jij even mee? | Deel 5 van 5

Snel antwoord:
Er is geen wettelijke verplichting voor ondernemers om te vermelden dat ze AI hebben gebruikt bij het schrijven van teksten. Of je het toch doet, hangt af van de rol die AI heeft gespeeld. Was AI de ghostwriter? Dan is transparantie verstandig. Was AI een sparringpartner, assistent of redacteur? Dan is het jouw keuze, net zoals je de naam van je tekstredacteur ook niet onder je blog zet.

De vraag komt steeds vaker voorbij in gesprekken over AI en schrijven. Moet je het vermelden als je AI hebt gebruikt? Is het eerlijk als je dat niet doet?

Mijn antwoord: het hangt ervan af. Net zoals je de naam van je tekstredacteur niet onder je blog zet, hoef je ook niet te vermelden dat AI heeft meegekeken. Tenzij AI niet heeft meegekeken maar de hele tekst heeft geschreven. Dan is het een ander verhaal.

De mensen die zeggen dat je het altijd moet vermelden hebben een punt. De mensen die zeggen dat het onzin is hebben ook een punt. Maar een simpel ja of nee doet geen recht aan hoe AI in de praktijk wordt gebruikt.

Wat doe ik zelf?

Ik gebruik AI als sparringpartner, assistent en redacteur. De ideeën, de invalshoek, de mening en de uiteindelijke tekst zijn van mij. AI helpt me om sneller te werken, scherper te denken en minder tijd kwijt te zijn aan het typewerk. Maar de inhoud is altijd mijn verantwoordelijkheid.

Dat is ook precies waarom ik het niet vermeld. Niet omdat ik iets verberg, maar omdat er niets te verbergen valt. De tekst is van mij. AI was het gereedschap, net zoals mijn laptop dat is.

Zou ik het anders doen als AI de tekst volledig had geschreven? Ja. Dan zou ik de tekst eerst zo grondig herschrijven dat hij echt van mij is voordat ik hem publiceer. Of ik zou vermelden dat AI de basis heeft geschreven en ik de inhoud heb bepaald en gecontroleerd.

Wanneer is transparantie wél verstandig?

Het onderscheid zit hem in de rol die AI heeft gespeeld. Stel dat je een onderwerp in ChatGPT gooit, geen eigen input of ideeën toevoegt en de output min of meer klakkeloos publiceert. Dan heeft AI de tekst geschreven en jij hem gepubliceerd. In dat geval is transparantie verstandig, niet omdat de wet het eist maar omdat de inhoud niet echt van jou is. Jouw lezers volgen jou voor jouw kennis, jouw ervaring en jouw mening. Als die er niet in zitten, is het eerlijk om dat te laten weten.

Maar er is ook een heel andere situatie. Je gebruikt AI om te sparren over een idee. Vervolgens laat je AI een structuur voorstellen die je daarna zelf omgooit. Je schrijft de tekst zelf en laat hem daarna checken op onduidelijkheden. In dat geval heeft AI een rol gespeeld die niet veel verschilt van die van een redacteur. En niemand verwacht dat je onder je blog zet wie er heeft meegekeken.

Sommige ondernemers gaan verder en labelen elke pagina expliciet als AI-gegenereerd. Een interessant praktijkvoorbeeld daarvan, inclusief de meetresultaten na veertig dagen, vind je in dit experiment met een volledig met AI gebouwde bedrijvengids.

Wat zegt de wet?

Kort en zonder juridisch jargon: er is momenteel geen wettelijke verplichting voor ondernemers om te vermelden dat ze AI hebben gebruikt bij het schrijven van teksten. De EU AI Act richt zich op aanbieders van AI-systemen, niet op ondernemers die AI gebruiken als schrijfhulp. Wil je de actuele stand van zaken weten? Kijk dan op het website van het Ondernemersplein. Daar staat actuele informatie over de AI Act. Ik ben geen jurist, dus vertrouw op bronnen die hier juridisch meer van weten.

Wat is verstandig voor jou?

Een paar vragen om jezelf te stellen: staat er iets in de tekst wat ik zelf niet zou zeggen of waarvoor ik niet volledig kan instaan? Zou mijn lezer zich misleid voelen als hij wist hoe de tekst tot stand is gekomen? Is de inhoud echt van mij, ook al heeft AI hem mede geschreven?

Als je die vragen eerlijk kunt beantwoorden, weet je ook of je iets hoeft te vermelden. De wet laat je de keuze. Jij bepaalt wat eerlijk voelt. En dat is misschien wel de belangrijkste les van deze hele serie: AI is een hulpmiddel. Wat je ermee doet, hoe je het inzet en waarvoor je verantwoordelijkheid neemt, dat blijft altijd van jou.

Veelgestelde vragen

Ben ik verplicht om te vermelden dat ik AI heb gebruikt voor mijn teksten?

Nee, er is momenteel geen wettelijke verplichting voor ondernemers om dat te vermelden. De EU AI Act richt zich op aanbieders van AI-systemen, niet op ondernemers die AI gebruiken als schrijfhulp. Voor de meest actuele juridische informatie verwijs ik je naar de website van het Ondernemersplein over de AI Act.

Wat als mijn klant ernaar vraagt?

Wees eerlijk. Als een klant vraagt of je AI gebruikt bij het schrijven van teksten, vertel dan welke rol AI speelt in jouw werkproces. “Ik gebruik AI als sparringpartner en redacteur, maar de inhoud en de eindverantwoordelijkheid zijn altijd van mij” is een volledig en eerlijk antwoord. Klanten waarderen transparantie over werkwijze, zeker als je daarna ook kunt uitleggen wat dat betekent voor de kwaliteit van wat je levert.

Is een tekst die met AI is geschreven minder authentiek?

Dat hangt volledig af van hoeveel jijzelf erin zit. Een tekst waarbij AI het typewerk deed en jij de inhoud, de mening en de toon bepaalde, is net zo authentiek als een tekst die je volledig zelf hebt getypt. Authenticiteit zit niet in het gereedschap maar in de inhoud. Staat er iets in de tekst wat jij niet zelf zou zeggen of waarvoor je niet volledig kunt instaan? Dan is hij niet authentiek, ongeacht of AI hem heeft geschreven of niet. Wil je meer weten over hoe je je eigen stem behoudt bij het schrijven met AI? Dat lees je in blog 2 van deze serie.

Wat als iemand mij beschuldigt van oneerlijkheid omdat ik AI gebruik?

Dan mag je rustig uitleggen wat de rol van AI in jouw werkproces is. De vergelijking met een redacteur is eerlijk en verdedigbaar. Schrijvers laten hun werk al eeuwenlang nakijken, herschrijven en redigeren door anderen. AI is een nieuw gereedschap in een lange traditie van samenwerken aan teksten. Wat telt is of de inhoud klopt, of de mening van jou is en of jij er volledig achter staat.

Wanneer is het slim om AI-gebruik wél expliciet te vermelden?

Als AI de ghostwriter was en niet de assistent. Dus als de tekst inhoudelijk grotendeels door AI is geschreven zonder dat jij er je eigen kennis, mening of ervaring in hebt gestopt. In dat geval is transparantie niet alleen eerlijk maar ook verstandig voor je eigen geloofwaardigheid. Lezers volgen jou voor jouw expertise. Als die er niet in zit, merken ze dat vroeg of laat toch. Meer weten over wat AI wel en niet kan bij het schrijven? Lees dan blog 4 van deze serie.

Wat AI wel en niet kan als je teksten schrijft

Ondernemer die AI-tekst doorleest en bijstuurt op laptop aan bureau

Blogserie: Hallo AI, schrijf jij even mee? | Deel 4 van 5

Snel antwoord:
AI is een uitstekende sparringpartner, een handige assistent en een geduldige redacteur. Maar een volledige tekst helemaal aan AI overlaten? Dan krijg je iets wat klopt maar net niet klopt. De toon is net niet goed, de nuance net niet raak, de boodschap net niet wat je bedoelde. AI kan veel, maar jouw stem, jouw ervaring en jouw mening kan het niet vervangen. Dat blijft altijd van jou.

Het overkomt me zo af en toe gewoon nog. Geen inspiratie of te weinig tijd om een blog te schrijven. Dan maar even snel via ChatGPT. Je gooit een onderwerp in ChatGPT, krijgt een nette tekst terug en denkt: het klopt wel, maar… dit ben ik niet. De zinnen kloppen. De structuur klopt. En toch klopt het niet.

Dat gevoel heeft een naam: net niet. En het is precies waar de grens ligt tussen wat AI goed kan en wat alleen jij kunt.

Want AI kan heel veel. Alleen niet dat.

Waar is AI écht goed in?

Laat ik beginnen met wat AI wél kan, want dat is aanzienlijk. En als je het goed gebruikt, scheelt het je uren werk.

AI is een uitstekende sparringpartner. Zit je vast met een idee? Gooi het in een gesprek met AI en stel vragen. Wat zijn de bezwaren tegen dit standpunt? Welke invalshoeken zie ik over het hoofd? Wat zou mijn lezer hierover willen weten (je lezersvragen!)? AI denkt mee, stelt vragen terug en helpt je een idee scherper te krijgen. Niet omdat het een mening heeft, maar omdat het patronen herkent in wat jij aanreikt. [Hoe je die instructie het beste opbouwt, lees je in blog 3]

AI is ook een handige assistent bij het uitwerken van een structuur. Heb je een idee maar weet je niet hoe je het opbouwt? Vertel AI wat je wilt zeggen en vraag om een opzet. Niet om die opzet blindelings over te nemen, maar om een startpunt te hebben. Een lege pagina is het moeilijkste. Een ruwe opzet om op te reageren is dat niet.

En AI is een geduldige redacteur. Is je tekst klaar maar wil je hem nog eens laten checken? AI leest mee, signaleert onduidelijkheden, stelt vragen bij passages die niet kloppen en wijst op herhalingen. Het doet dat zonder oordeel en zonder haast. Dat is handig. Maar het heeft ook een keerzijde, en die is belangrijk om te weten. [Hoe je je eigen stem behoudt lees je hier.]

Waar schiet AI tekort?

AI is namelijk ook bijzonder complimenteus. Vrijwel alles wat je aanlevert vindt het goed. Fantastisch zelfs. “Wat een krachtige openingszin!” “Dit is een heel sterk argument.” Als je AI vraagt om feedback, krijg je zelden echt kritische feedback tenzij je daar expliciet om vraagt en ook nog eens aandringt.

Dat is geen eigenschap om op te vertrouwen als je echt wilt weten of je tekst werkt. Een goede redacteur zegt ook wat niet klopt. AI doet dat van nature niet. Het optimaliseert liever dan dat het afbreekt.

Maar het grootste tekort van AI zit ergens anders. Als je AI een volledige tekst laat schrijven, krijg je altijd hetzelfde gevoel: het is het net niet. De toon is net niet goed. De nuance net niet raak. De boodschap net niet wat je bedoelde. Niet omdat AI slecht schrijft, maar omdat AI niet weet wat jij precies wilt zeggen. Het herkent patronen in taal maar heeft geen toegang tot jouw ervaring, jouw visie en jouw manier van denken.

AI schrijft vanuit wat het weet. Jij schrijft vanuit wie je bent. Dat is een fundamenteel verschil dat geen betere prompt oplost. Wil je hier dieper in duiken? Frankwatching schreef een goed artikel over wat AI nooit van je kan overnemen als je teksten schrijft.

Wat betekent dit voor hoe je AI gebruikt?

Gebruik AI als assistent, niet als ghostwriter. Dat klinkt simpel maar het vraagt in de praktijk om een bewuste keuze. Niet “schrijf dit voor mij” maar “help me dit uitwerken.” Niet “maak hier een blog van” maar “wat mis ik nog in deze redenering?” Niet “herschrijf dit” maar “wat is onduidelijk in deze alinea?”

Het verschil zit hem in wie de regie houdt. Als jij de regie houdt en AI het werk doet dat jij hem geeft, werkt het uitstekend. Als je de regie aan AI geeft en hoopt dat het goed komt, krijg je altijd dat gevoel van net niet.

En dat net niet is niet het probleem van AI. Dat is het signaal dat jij er nog niet genoeg van jezelf in hebt gestopt.

In deel 5, het laatste blog van deze serie, gaan we naar een vraag die steeds vaker opduikt: moet je eigenlijk vermelden dat je tekst door AI is gemaakt? Wat is verstandig en wat zegt de wet?

👉 Lees binnenkort deel 5: Moet je vermelden dat je tekst door AI is gemaakt?

Veelgestelde vragen

Kan AI mijn schrijfstijl leren?

Tot op zekere hoogte wel. Als je AI voorbeeldteksten geeft van hoe jij schrijft, herkent het patronen in je taalgebruik en kan het die nabootsen. Maar nabootsen is niet hetzelfde als begrijpen. AI kan jouw zinslengte, woordkeuze en toon imiteren, maar niet jouw manier van denken, jouw ervaringen of jouw mening. Het resultaat komt dichterbij maar blijft net niet helemaal raak. Gebruik die stijlherkenning daarom als hulpmiddel bij het bijsturen van teksten, niet als vervanging van je eigen stem.

Waarom geeft AI altijd positieve feedback?

Omdat AI getraind is op menselijke interacties waarbij positieve reacties als gewenst gedrag worden beloond. Het is er letterlijk op geoptimaliseerd om behulpzaam en bemoedigend te zijn. Dat maakt het prettig in gebruik maar onbetrouwbaar als kritische sparringpartner. Wil je echt weten of je tekst werkt? Vraag dan expliciet: “Wat klopt er niet in deze tekst?” of “Wat zou een kritische lezer hier tegenin brengen?” Dan krijg je bruikbaardere feedback.

Wanneer gebruik ik AI wel en wanneer niet?

Gebruik AI als je vastzit, een idee wilt uitwerken, een structuur nodig hebt of een tekst wilt laten checken op onduidelijkheden. Gebruik AI niet als je verwacht dat het jouw stem, jouw ervaring of jouw visie kan vervangen. Een goede vuistregel: als de tekst zonder jouw inbreng compleet zou zijn, heb je te weinig van jezelf erin gestopt. AI werkt het beste als verlengstuk van jouw denken, niet als vervanging ervan.

Is een tekst die AI heeft geschreven minder waard?

Dat hangt volledig af van wat jij ermee doet. Een tekst die AI heeft geschreven en die jij klakkeloos publiceert zonder er iets van jezelf in te stoppen, is inderdaad minder waard. Niet omdat AI slecht schrijft, maar omdat die tekst niet van jou is. Een tekst waarbij AI de structuur en het typewerk deed en jij de inhoud, de toon en de finishing touch verzorgde, is gewoon een goede tekst. Het gereedschap doet er minder toe dan het resultaat.

Hoe zorg ik dat AI kritischer is in zijn feedback?

Door er expliciet om te vragen en door door te vragen. Vraag niet “wat vind je van deze tekst?” maar “wat zijn de drie zwakste punten in deze tekst?” of “welke argumenten kloppen niet?” Vraag daarna door: “waarom?” en “wat zou beter werken?” AI wordt kritischer naarmate jij specifieker vraagt. De standaardinstellingen van AI zijn vriendelijk en bevestigend. Jij moet zelf de knop omzetten naar kritisch.

Zo schrijf je een blog met AI

Ondernemer met laptop schrijft een blog met behulp van AI aan de hand van een gestructureerde prompt

(zonder dat het je hele dag kost)

Ondernemer met laptop schrijft een blog met behulp van AI aan de hand van een gestructureerde prompt

Blogserie: Hallo AI, schrijf jij even mee? | Deel 3 van 5

Snel antwoord:
Een blog schrijven met AI begint niet met een lege pagina en een prompt. Het begint met een vraag: wat wil mijn lezer weten? Als je die vraag scherp hebt, geef je AI een instructie die als startpunt dient, niet als eindproduct. Jij levert het idee, de invalshoek en de kennis. AI doet het typewerk. Samen kom je verder dan alleen

Je weet inmiddels dat een goede instructie het verschil maakt tussen een AI-tekst die klinkt als iedereen en een tekst die klinkt als jij. Maar hoe ziet die instructie er dan concreet uit? En waar begin je eigenlijk als je een blog wilt schrijven met AI?

Dat is precies waar dit blog over gaat. Niet de theorie, maar de praktijk. Mijn eigen aanpak, inclusief de prompt die ik zelf gebruik. Wil je die prompt meteen zien? Scroll dan door naar “Hoe ziet zo’n instructie er dan concreet uit?” De rest van de uitleg staat er omheen.

Waar begint een blog schrijven met AI eigenlijk?

Niet bij een prompt. Dat is de meest gemaakte fout. Als je meteen naar AI stapt met “schrijf een blog over onderwerp X”, krijg je een inwisselbaar stuk tekst dat nergens echt over gaat. En als schrijven toch al niet jouw favoriete bezigheid is, maakt een slappe output het er niet leuker op.

Een blog begint bij een vraag. Soms mijn eigen vraag, soms die van iemand anders. Wat wil de lezer weten als hij op dit onderwerp klikt? Wat verwacht hij te leren of te kunnen doen na het lezen? Als ik dat weet, weet ik ook wat ik aan AI moet vragen. En dat geldt voor iedereen, of je nu graag schrijft of liever je tijd aan iets anders besteedt.

Dat is precies wat ik meeneem in mijn instructie: het gewenste resultaat. Niet het onderwerp, maar de uitkomst. Niet “schrijf een blog over prompts”, maar “schrijf een blog voor zelfstandige ondernemers die willen begrijpen hoe ze AI een betere instructie geven, zodat ze minder tijd kwijt zijn aan bijsturen.” Zie je het verschil? De eerste instructie geeft AI alle vrijheid. De tweede geeft richting. En richting levert betere output op.

Hoe ziet zo’n instructie er dan concreet uit?

Hier is een prompt die ik zelf gebruik als ik een blog schrijf met AI. Hij is opgebouwd volgens de SCRAP-methode, een gestructureerde aanpak voor betere instructies aan AI. Wil je meer weten over hoe SCRAP werkt? Lees dit blog over de SCRAP-methode. Vul voor je begint je eigen focuszoekwoord in op de plek waar dat staat aangegeven, dat is de enige variabele die je zelf moet invullen.

Belangrijk: stel de schrijver eerst vijf gerichte vragen over de werkwijze, de tijdsinvestering en hoe AI wordt gebruikt in de praktijk. Wacht op de antwoorden voordat je verder gaat.

Analyseer daarna de meegestuurde voorbeeldteksten op de schrijfstijl voordat je begint.

Schrijf een blog van ongeveer 900 woorden over hoe een ondernemer een blog aanpakt met behulp van AI. De blog heeft een snel-antwoord-blok bovenaan dat in twee tot drie zinnen direct antwoord geeft op de centrale vraag van het blog. Gebruik drie tot vier subkopjes die geformuleerd zijn als vragen die de lezer zichzelf stelt. Schrijf in lopende zinnen zonder opsommingen. Begin niet met een definitie of statistiek maar met iets herkenbaars. Eindig met een FAQ van vijf vragen met elk drie tot vijf zinnen per antwoord. Gebruik “je” en “jij” in de blogtekst zelf. Verwerk [jouw focuszoekwoord] in het snel-antwoord-blok, in de eerste alinea en in minimaal twee subkopjes. (Specifiek)

De schrijver is contentspecialist die ondernemers helpt aan teksten die klinken als henzelf. (Context)

Schrijf als een ervaren tekstschrijver die precies weet hoe AI ingezet wordt zonder dat de menselijke stem verloren gaat. (Rol)

De lezer is een zelfstandig ondernemer die hun tijd liever besteedt aan de corebusiness dan aan schrijven, maar wel wil dat de tekst klinkt als henzelf. (Aanspreken)

Schrijf direct en warm, zonder jargon en marketingtaal. Vermijd woorden als “cruciaal”, “innovatief”, “in het huidige landschap” en “het is belangrijk dat”. De schrijver stuurt twee of drie voorbeeldteksten mee. Controleer daarna de tekst op taalfouten en onnatuurlijke formuleringen en benoem wat er is aangepast. (Persoonlijk)

Eén belangrijke kanttekening: deze prompt is een startpunt, geen kant-en-klare oplossing die je blind kunt kopiëren. Elke blog is anders, elke doelgroep is anders en elk onderwerp vraagt om een andere invalshoek. Dat betekent dat je de prompt elke keer aanpast aan wat je wilt bereiken. Het focuszoekwoord verandert, de centrale vraag verandert en soms verandert de toon mee.

En verwacht niet dat de eerste versie meteen perfect is. Dat is bij geen enkele prompt het geval, ook niet bij die van mensen die er dagelijks mee werken. Iteratie is de kern van goed prompting. Merkt AI de toon verkeerd? Voeg een voorbeeldzin toe van hoe jij schrijft. Wordt de FAQ te kort? Geef een minimale woordentelling mee. Mist er inhoud? Voeg dat toe als extra instructie en vraag AI de tekst aan te vullen. Hoe vaker je de prompt gebruikt en aanscherpt op basis van wat je terugkrijgt, hoe beter hij wordt. Dat is geen nadeel van prompting, dat is precies hoe het werkt.

Overigens is de interviewvorm geen verplichting. Als je al precies weet wat je wilt zeggen, voor wie je schrijft en wat de centrale boodschap is, kun je die antwoorden ook direct in de prompt meegeven en de interviewstap overslaan. De meerwaarde van de vragen zit hem niet in de methode zelf, maar in wat ze je dwingen te doen: nadenken voordat je schrijft. Doe je dat al van nature? Dan kun je direct door.

Wat doe je nadat AI heeft geschreven?

De output is een startpunt, geen eindproduct. Lees de tekst kritisch door: klopt de inhoud, klopt de toon, mist er iets wat jij wel weet maar AI niet? En voeg daarna jezelf toe. Een eigen voorbeeld. Een persoonlijke noot. De conclusie in je eigen woorden.

Dat hoeft niet veel te zijn. Soms is één persoonlijk voorbeeld genoeg om een hele tekst van inwisselbaar naar herkenbaar te tillen. En lees de tekst hardop voor. Klinkt hij als jij? Zo niet, herschrijf dan die zinnen. Niet alles, alleen die zinnen.

In deel 4 gaan we verder met iets wat veel ondernemers liever vermijden: hoe zit het met de AVG als je bedrijfsgegevens in AI invoert? Wat mag je wel en wat absoluut niet?

👉 Lees binnenkort deel 4: AI en de AVG: wat mag je wel en niet met bedrijfsdata?

Veelgestelde vragen

Moet ik elke keer opnieuw zo’n uitgebreide instructie schrijven?

Nee, sla de prompt op als vast document en pas alleen aan wat per blog verschilt: het onderwerp, het focuszoekwoord en de centrale vraag. De rest blijft grotendeels hetzelfde. Zo bouw je een herbruikbare basis die elke keer beter wordt naarmate je hem aanscherpt op basis van de output die je terugkrijgt.

Waarom moet ik voorbeeldteksten meesturen?

Omdat AI jouw stem niet kent tenzij je die laat zien. Een beschrijving van je stijl helpt, maar twee of drie teksten die je zelf hebt geschreven helpen veel meer. AI herkent patronen in jouw taalgebruik die je zelf misschien nooit zo zou benoemen. Het resultaat is een tekst die al veel dichter bij jouw stem zit, voordat je ook maar één woord hebt bijgesteld.

Wat gebeurt er als ik in de voorbeeldprompt de interviewstap oversla en AI meteen laat schrijven?

Dat kan prima werken, mits je al goed weet wat je wilt zeggen. Als je de centrale boodschap, je doelgroep en het doel van je blog scherp hebt, kun je die informatie direct in de prompt meegeven en de interviewstap overslaan. De interviewvorm is geen verplichting maar een hulpmiddel. Hij is vooral waardevol als je merkt dat je output te algemeen blijft of als je zelf nog niet precies weet waar je blog over moet gaan. Twijfel je? Doe de interviewstap gewoon. Het kost je tien minuten en het dwingt je na te denken voordat je schrijft. Dat is zelden zonde van je tijd.

Hoe vind ik het juiste focuszoekwoord voor mijn blog?

Begin bij jezelf: wat zou jij intypen in Google als je dit onderwerp zou opzoeken? Dat is vaak al een goed startpunt. Verfijn dat daarna met een gratis tool als Ubersuggest of kijk in Google Search Console welke zoektermen mensen al gebruiken om jouw website te vinden. Kies een zoekwoord dat specifiek genoeg is om op te vallen maar breed genoeg om daadwerkelijk gezocht te worden. En gebruik het als een rode draad door je blog, niet als een woord dat je er achteraf nog even in propt

Hoe lang doe ik over een blog met deze aanpak?

Eerlijk antwoord: langer dan je denkt. De interviewfase kost tijd omdat je echt nadenkt over je antwoorden. De eerste versie van AI is zelden meteen raak, dus reken op een stevige ronde bijsturen. En dan is er nog de finishing touch: je eigen stem erin, een persoonlijk voorbeeld, de conclusie in je eigen woorden. Tel daar de taalcheck bij op en je zit al snel op twee tot drie uur voor een goed blog. Misschien soms nog wel langer. Maar die tijd verdient zich terug. Je krijgt een tekst die werkt en die klinkt als jij, in plaats van een tekst die je nooit publiceert omdat hij niet goed genoeg voelt. Of erger: een tekst die je wél publiceert maar waarvan je zelf weet dat hij niet klopt.

Zo schrijf je met AI zonder dat je tekst klinkt als AI

Ondernemer die op laptop werkt met AI-assistent als sparringpartner voor het schrijven van teksten

Hoe je jouw eigen stem behoudt en AI slim inzet als sparringpartner

Blogserie: Hallo AI, schrijf jij even mee? | Deel 2 van 5

Snel antwoord:
AI-teksten klinken als AI omdat mensen AI laten schrijven zonder zichzelf erin te stoppen. De oplossing is niet minder AI gebruiken, maar slimmer. Geef AI je eigen visie, doelgroep en toon mee als instructie, gebruik de output als startpunt en voeg daarna je eigen stem, voorbeelden en mening toe. Dan klinkt het resultaat als jij, niet als een robot.

“In het huidige landschap.” “Kortom, het is cruciaal dat.” Je herkent het meteen. En je weet ook meteen: dit heeft iemand door AI laten schrijven. De vraag is alleen: herkennen jouw lezers het ook in jóuw teksten? De kans is groot dat je het zelf ook wel eens hebt gedaan. Even snel een tekst in ChatGPT gooien, want de blog moet eruit. Het resultaat komt eruit en je denkt: het klopt wel, maar… dit ben ik niet.

Maar hier is het goede nieuws: dit is op te lossen. Met vier concrete dingen die je vanaf vandaag kunt toepassen.

Eerst even dit: om te begrijpen waarom AI-teksten allemaal hetzelfde klinken, is het handig om te weten hoe AI eigenlijk werkt. Want als je dat snapt, begrijp je ook meteen waarom die vier dingen zo effectief zijn.

Waarom klinkt AI-tekst zo inwisselbaar?

AI is een Large Language Model, oftewel een LLM. Dat klinkt technisch, maar het principe is simpel: een LLM is getraind op miljarden teksten van het internet, boeken en andere bronnen. Door die training heeft het geleerd te voorspellen welk woord logischerwijs volgt op het vorige woord. Niet omdat het begrijpt wat er staat, maar omdat het patronen herkent in taal.

Dat heeft een belangrijk gevolg: AI speelt automatisch op safe. De meest gangbare formulering, de veiligste zin, de meest voorspelbare opbouw. Niet omdat AI lui is, maar omdat het optimaliseert voor wat het vaakst voorkomt in zijn trainingsdata. En wat het vaakst voorkomt, is zelden origineel.

Maar dan rijst meteen een logische vraag: als AI alleen maar woorden voorspelt, hoe kan het dan toch zo nuttig zijn als sparringpartner?

Dat zit zo. Door te trainen op miljarden teksten heeft een LLM wel degelijk iets opgebouwd wat lijkt op kennis: patronen, verbanden en concepten uit een enorme hoeveelheid bronnen. Het kan redeneren, vergelijken en conclusies trekken die logisch zijn. Maar het is een ander soort kennis dan menselijke kennis. Een LLM heeft geen ervaringen, geen echte mening en geen doel. Het herkent patronen en genereert daarop gebaseerde tekst.

Juist omdat het zoveel patronen kent uit zoveel verschillende contexten, kan het jouw situatie herkennen en verbanden leggen die jij misschien niet ziet. Het kan vragen stellen, tegenargumenten bedenken, structuur aanbrengen en ideeën uitwerken. Dat voelt als sparren, en dat is het ook, maar het is sparren op basis van patroonherkenning, niet op basis van echte ervaring of begrip.

Wat AI dus niet kan: een standpunt innemen, een mening hebben, verrast worden door iets of schrijven vanuit echte beleving. Dat ben jij. En precies dat is wat jouw teksten onderscheidt van de rest.

Wat werkt wel: AI als sparringpartner

Beschouw AI niet als je ghostwriter maar als je sparringpartner of je assistent. Iemand die meedenkt, structuur aanbrengt en het typewerk doet, terwijl jij bepaalt wat er gezegd wordt en hoe.

Dat begint bij je instructie. Een vage prompt geeft een vage tekst. Maar een scherpe prompt, waarbij je vertelt wie je bent, voor wie je schrijft en wat je wilt bereiken, geeft een tekst die al veel dichter bij jouw stem ligt.

Concreet betekent dat vier dingen: je doelgroep, je toon, je doel en je standpunt meegeven aan AI. Hieronder leg ik uit hoe.

Vergelijk het zo: “Schrijf een blog over AI-tools” geeft je een inwisselbaar overzichtsartikel. Maar “Schrijf een blog over AI-tools voor zelfstandige ondernemers die geen tijd hebben om alles uit te proberen, in een directe en lichte toon zonder jargon” geeft je iets wat al veel meer richting heeft.

Wat zet je in je instructie?

Goede teksten beginnen niet met schrijven. Ze beginnen met nadenken. Wie wil je bereiken? Wat wil die persoon weten of kunnen na het lezen? En wat wil jij vertellen? Als je die drie vragen kunt beantwoorden, heb je de basis voor een goede instructie aan AI. En voor een goede tekst, trouwens, met of zonder AI.

Vier dingen maken het grootste verschil:

Je doelgroep: voor wie schrijf je precies en wat weten zij al? Een zelfstandige ondernemer leest anders dan een marketingmanager bij een groot bedrijf.

Je toon: direct, warm, zakelijk, luchtig? Geef AI een voorbeeld van hoe jij schrijft, of beschrijf je stijl in een paar woorden.

Je doel: wil je informeren, overtuigen of aanzetten tot actie? Dat bepaalt de opbouw van de hele tekst.

Je standpunt: wat vind jij er eigenlijk van? AI neemt zelden een duidelijk standpunt in omdat het nergens voor staat. Jij wel. Geef dat mee.

De finishing touch? Dat ben jij.

Zelfs met een scherpe instructie is de output van AI een startpunt, geen eindproduct. De laatste stap is die je niet kunt overslaan: jijzelf erin stoppen.

Dat betekent concreet: vervang de generieke openingszin door iets wat alleen jij kunt schrijven. Voeg een voorbeeld toe uit je eigen praktijk. Schrijf de conclusie in je eigen woorden. En lees de tekst hardop voor: klinkt dit als jij? Als het antwoord nee is, herschrijf dan die zinnen.

Dat hoeft niet veel te zijn. Soms is één persoonlijk voorbeeld genoeg om een hele tekst van inwisselbaar naar herkenbaar te tillen.

En als schrijven echt niet jouw ding is?

Dan mag AI meer doen. Dat is geen schande, dat is slim. Als ondernemer hoef je niet alles zelf te doen, ook niet schrijven. Als je AI de structuur en de basisinhoud laat verzorgen en jij daarna de tekst doorleest, de toon bijstuurt en je eigen visie toevoegt, dan heb je nog steeds een tekst die werkt.

Het verschil tussen een tekst die klinkt als AI en een tekst die klinkt als jou, zit vaak in tien minuten extra aandacht. Die tien minuten zijn het altijd waard.

In deel 3 ga ik concreet: van idee tot gepubliceerde blog in een uur. En hoe jij dat ook kunt doen.

👉 Lees binnenkort deel 3: Van idee naar gepubliceerde blog

Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of mijn tekst klinkt als AI?

Lees hem hardop voor. Klinkt het zoals jij praat? Of hoor je zinnen die je zelf nooit zou zeggen? AI-teksten hebben vaak vaste kenmerken: overdrijvende woorden zoals “cruciaal” en “indrukwekkend”, veel verbindingswoorden achter elkaar zoals “bovendien”, “daarnaast” en “echter”, en opens als “In het huidige landschap.” Herken je die? Dan is het tijd om bij te sturen.

En hardop voorlezen is trouwens ook dé manier om te lange zinnen te ontdekken. Krijg je ademnood voordat je de zin uit hebt? Dan is hij te lang. 😉

Moet ik elke AI-tekst volledig herschrijven?

Dat hangt af van hoe scherp je instructie was. Had je een vage prompt gegeven? Dan is de kans groot dat je meer moet bijsturen. Had je een goede, specifieke instructie gegeven met je doelgroep, toon en doel erin? Dan is de output al veel dichter bij wat je wilt en volstaan vaak kleine aanpassingen.

Begin altijd met de openingszin, want die zet de toon voor de rest. Voeg daarna bijvoorbeeld een persoonlijk voorbeeld toe en controleer of de conclusie in jouw woorden is. En lees hem hardop voor: klinkt hij als jij? Zo niet, herschrijf dan die specifieke zinnen. Je hoeft niet alles te herschrijven, maar sla deze stap nooit over.

Mag ik AI laten schrijven als schrijven niet mijn vak is?

Ja, waarom niet. AI is juist voor jou een waardevol hulpmiddel. Zorg wel dat je de output doorleest, de toon bijstuurt waar nodig en je eigen visie toevoegt. Een tekst die door AI is geschreven maar door jou is geleid, werkt veel beter dan een tekst die je nooit had gepubliceerd omdat je er tegenop zag.

Liever gewoon een tekst die klinkt als jij, zonder er uren in te steken? Dan is het misschien tijd om samen te werken met iemand die dat voor je doet. Dat is precies wat ik doe bij Het Contentkantoor. 😉

Hoe geef ik AI mijn eigen schrijfstijl mee?

De makkelijkste manier: geef een voorbeeld van een tekst die je zelf hebt geschreven en vraag AI om in diezelfde stijl te schrijven. Of beschrijf je stijl in een paar woorden: direct, warm, zonder jargon, met een vleugje humor. Hoe specifieker je bent, hoe beter het resultaat.

Wil je AI vaker inzetten voor het schrijven van teksten? Deel drie of vier teksten (of meer) die je zelf hebt geschreven met ChatGPT, Claude of Mistral en vraag: “Wat is de tone-of-voice van deze teksten? Beschrijf mijn schrijfstijl.” Je krijgt dan een gedetailleerde omschrijving van jouw stijl die je voortaan als instructie kunt meegeven. AI ziet patronen in jouw schrijven die jij zelf misschien nooit zo had benoemd.

Is het eerlijk naar mijn klanten als ik AI gebruik voor mijn teksten?

Ja, als jij de regie houdt. AI is een hulpmiddel, net zoals een spellingschecker of een tekstverwerker. Wat jouw klanten van jou verwachten is jouw kennis, jouw visie en jouw expertise. Of je die nu opschrijft met of zonder hulp van AI maakt voor het eindresultaat niet uit. Zolang de inhoud klopt, de toon herkenbaar is en jij er volledig achter staat, is er niets oneerlijks aan. Transparantie over je werkwijze is altijd een keuze die je kunt maken, maar een verplichting is het vooralsnog niet.












Welke AI-tool gebruik je het beste voor teksten schrijven?

vergelijking-ai-tools-chatgpt-claude-mistral.png

ChatGPT, Claude en Mistral met elkaar vergeleken.

Blogserie: Hallo AI, schrijf jij even mee? | Deel 1 van 5

Snel antwoord:
Welke AI-tool is het beste voor teksten schrijven? Dat hangt af van wat jij nodig hebt. Voor de meeste ondernemers zijn ChatGPT, Claude en Mistral de drie tools die er uitspringen. ChatGPT is de bekende allrounder, Claude schrijft het meest natuurlijk Nederlands en Mistral is de Europese keuze als AVG-compliance belangrijk voor je is. Test ze alle drie met dezelfde prompt en je weet binnen vijf minuten welke bij jou past.

Je wilt aan de slag met AI voor je teksten. Maar dan: welke tool kies je? ChatGPT, want iedereen heeft het erover. Of toch Claude, want dat schijnt beter te schrijven. En dan is er nog Mistral, Europees en AVG-proof. En ondertussen staan er nog tien andere tools op je lijstje die je ooit hebt opgespaard.

Wat moet je kiezen? Herkenbaar?

Het goede nieuws: je hoeft niet alles te proberen. Voor teksten schrijven zijn er drie tools die er echt uitspringen, en de keuze is minder ingewikkeld dan je denkt. In dit blog zetten ik ze naast elkaar, zodat jij in vijf minuten weet waar je moet beginnen.

Waar begin je?

In dit blog zetten we de drie belangrijkste tools voor teksten schrijven naast elkaar. Niet als droge vergelijking, maar als eerlijk overzicht dat jou helpt kiezen. Want de beste AI-tool voor teksten schrijven bestaat niet. Wel de beste tool voor jóú.

Wat maakt een AI-tool goed voor teksten schrijven?

Voordat we de tools vergelijken, is het handig om te weten waarop je let. Voor teksten schrijven zijn drie dingen belangrijk: hoe natuurlijk klinkt de output in het Nederlands, hoe goed houdt de tool jouw stijl en toon aan, en hoe veilig is je bedrijfsdata?

Op die drie punten vergelijk ik de tools hieronder.

ChatGPT: de bekende allrounder

ChatGPT van OpenAI is voor de meeste mensen het startpunt. En dat is niet gek. Het is laagdrempelig, snel en breed inzetbaar. Van blogposts tot social media posts en van e-mails tot complete campagnes: ChatGPT kan het allemaal.

ChatGPT is een sociale kameleon die jouw toon en stijl vrijwel onmiddellijk en zonder instructies overneemt. Dat is een groot voordeel als je snel iets wilt schrijven zonder uitgebreide instructies te geven.

Voor teksten schrijven in het Nederlands scoort ChatGPT goed, al heeft het soms de neiging tot generieke formuleringen. Denk aan zinnen als “in het huidige landschap” of “het is van cruciaal belang.” Herkenbaar? Met de juiste instructies stuur je dat bij, maar het vraagt wel wat extra aandacht.

Privacy-aandachtspunt: de gratis versie van ChatGPT gebruikt je input standaard voor modeltraining. Wil je dat voorkomen, dan moet je dat handmatig uitzetten of kiezen voor een betaald zakelijk abonnement.

Claude: de schrijver onder de AI-tools

Claude van Anthropic onderscheidt zich op één punt duidelijk: schrijfkwaliteit. Claude schrijft natuurlijker en genuanceerder Nederlands dan ChatGPT, met name bij langere teksten, met minder anglicismen en meer specifieke, menselijke taal.

Waar ChatGPT neigt naar vlotte marketingteksten, is Claude sterker in langere, inhoudelijk rijkere teksten. Blogs, artikelen, nieuwsbrieven: dat is waar Claude uitblinkt. Ook handig: bij Claude wordt je data standaard niet voor training gebruikt, ongeacht je abonnement. Bij ChatGPT geldt dat alleen vanaf het Team-abonnement.

Nadeel: Claude vraagt scherpere instructies dan ChatGPT. Geef je weinig context, dan krijg je ook minder specifieke output. Het loont dus om even de tijd te nemen voor een goede prompt.

Mistral: de Europese keuze

Mistral is een Frans AI-bedrijf en daarmee de enige grote Europese speler in dit rijtje. Mistral verwerkt data op Europese servers en is AVG-conform, terwijl Amerikaanse tools zoals ChatGPT en Claude dat niet standaard zijn.

Voor teksten schrijven presteert Mistral goed, al is de kwaliteit iets minder consistent dan ChatGPT of Claude. Het grote voordeel is de prijs en de privacy: Mistral is significant goedkoper dan de betaalde versies van ChatGPT en Claude.

Werk je met gevoelige klantdata of hecht je veel waarde aan Europese dataopslag? Dan is Mistral een serieuze optie. Voor pure schrijfkwaliteit in het Nederlands zijn ChatGPT en Claude momenteel sterker.

Welke tool kies jij?

Hier is een eerlijk overzicht:

Kies ChatGPT als je een brede allrounder zoekt die snel werkt, makkelijk van stijl wisselt en ook afbeeldingen kan genereren. Ideaal als schrijven niet je sterkste kant is en je gewoon goede teksten wil hebben.

Kies Claude als je langere, inhoudelijk sterke teksten schrijft en kwaliteit in het Nederlands belangrijk vindt. Of als je AI liever inzet als sparringpartner dan als ghostwriter.

Kies Mistral als AVG-compliance en Europese dataopslag voor jou doorslaggevend zijn, en je bereid bent iets in te leveren op schrijfkwaliteit.

Wil je ook actuele informatie en bronnen in je tekst? Gebruik dan Perplexity voor de research en ChatGPT of Claude voor het schrijven. Die combinatie werkt uitstekend.

De beste manier om te kiezen? Test het zelf.

Geef dezelfde instructie aan alle drie de tools en kijk welke output het dichtst bij jouw gewenste resultaat ligt. Schrijf bijvoorbeeld: “Schrijf een introductieparagraaf voor een blog over [jouw onderwerp] in een directe, persoonlijke toon voor zelfstandige ondernemers.” Dezelfde prompt, drie tools, drie resultaten. Je ziet binnen vijf minuten welke tool jouw stijl het best begrijpt.

Eén kanttekening: de kwaliteit van je output staat of valt met de kwaliteit van je instructie. Een vage prompt geeft een vage tekst, bij elke tool. Hoe specifieker je bent over toon, doelgroep en doel, hoe beter het resultaat. Maar juist daarom is deze test zo waardevol: je leert niet alleen welke tool bij je past, maar ook wat goede instructies voor jou doen.

En weet je wat? Veel mensen gebruiken uiteindelijk meerdere tools naast elkaar. ChatGPT voor snelle ideeën en brainstormen, Claude voor het uitschrijven, Mistral voor AVG-gevoelige taken. Dat is geen zwakte, dat is slim werken.

In deel 2 gaan we een stap verder: hoe gebruik je AI voor teksten schrijven zonder dat je output klinkt als AI?

👉 Lees binnenkort deel 2: Zo schrijf je met AI zonder dat je tekst klinkt als AI

Veelgestelde vragen

Is ChatGPT gratis te gebruiken voor teksten schrijven?

Ja, ChatGPT heeft een gratis versie. Let op: in de gratis versie wordt je input standaard gebruikt voor modeltraining. Wil je dat voorkomen, zet dit dan uit in de instellingen of kies voor een betaald abonnement. Voor zakelijk gebruik is een betaald abonnement aan te raden.

Schrijft Claude echt beter Nederlands dan ChatGPT?

Uit meerdere vergelijkingen blijkt dat Claude natuurlijker en genuanceerder Nederlands schrijft, met name bij langere teksten. ChatGPT is sneller en veelzijdiger, maar neigt meer naar generieke formuleringen. Voor blogs en artikelen heeft Claude een streepje voor, voor snelle sociale media posts is ChatGPT minstens zo goed.

Is Mistral echt AVG-proof?

Mistral verwerkt data op Europese servers en voldoet aan de AVG. Dat maakt het de meest privacyvriendelijke keuze van de drie. Voor ondernemers die met gevoelige klantdata werken of in een AVG-gevoelige sector zitten, is Mistral daarom het veiligste alternatief.

Moet ik betalen voor een goede AI-tool voor teksten?

Niet per se. De gratis versies van ChatGPT, Claude en Mistral zijn allemaal bruikbaar voor teksten schrijven. Wil je meer capaciteit, betere modellen en sterke privacygaranties, dan loont een betaald abonnement. Die kosten voor de grote tools rond de 20 euro per maand.

Kan ik meerdere AI-tools naast elkaar gebruiken?

Absoluut. Veel ondernemers gebruiken ChatGPT voor snelle taken en brainstormen, Claude voor langere schrijftaken en Mistral voor AVG-gevoelige opdrachten. Elke tool heeft zijn eigen sterktes, en slim combineren geeft het beste resultaat.

Home » Archieven voor Natasja

Is jouw content klaar? Check het nu.

checklist content audit AI-zichtbaarheid voor ondernemers

Een praktische checklist om je bestaande blogs te doorlichten

checklist content audit AI-zichtbaarheid voor ondernemers

Blogserie: Hallo, ChatGPT? Ken je mij? | Deel 5 van 5

Snel antwoord:
Met deze checklist check je elk blog in vijftien minuten op AI-vindbaarheid. Je checkt de structuur, de technische elementen en de inhoud. Niet alles hoeft tegelijk perfect te zijn, maar je weet daarna precies waar de grootste kansen liggen

Als je de hele serie hebt doorgelezen, weet je nu waarom AI-zichtbaarheid belangrijk is, hoe je schrijft voor antwoorden, hoe je een blog opbouwt dat AI wil citeren en welke technische elementen een rol spelen. Nu is het tijd voor de vraag die er eigenlijk het meest toe doet: hoe staat jouw bestaande content er eigenlijk voor?

Want theorie is mooi, maar je hebt waarschijnlijk al tientallen blogs, pagina’s en artikelen staan. Die hoef je niet allemaal weg te gooien. Veel daarvan is al goed, en met kleine aanpassingen maak je het nog beter. Deze checklist helpt je precies te zien waar de kansen liggen.

Hoe gebruik je deze checklist?

Pak één blog of pagina erbij die je wilt doorlichten. Doorloop de vragen één voor één. Geef jezelf eerlijk antwoord. Je hoeft niet op alles “ja” te kunnen antwoorden, maar elke “nee” is een concrete kans om je zichtbaarheid te verbeteren.

Begin met je belangrijkste blogs: de pagina’s die al goed scoren in Google, de onderwerpen waarop je het liefst gevonden wordt, of de blogs die je meeste bezoekers trekken. Die hebben de meeste impact als je ze optimaliseert.

Checklist: inhoud en structuur

Staat er een snel antwoord-blok bovenaan het blog? Twee tot vier zinnen die direct antwoord geven op de vraag in de titel, zonder inleiding of omwegen.

Zijn de tussenkoppen geformuleerd als vragen? Niet “Onze werkwijze” maar “Hoe werkt dit in de praktijk?” Koppen in vraagvorm matchen direct met hoe mensen zoeken in AI-tools.

Geeft elke sectie direct antwoord op de kop erboven? Begin elke sectie met de kern, werk dan pas uit. AI haalt fragmenten op, geen hele blogs. Elke sectie moet op zichzelf begrijpelijk zijn.

Bevat het blog minstens één feitelijke ankerzin per sectie? Een concrete, heldere bewering die je kunt onderbouwen en die AI direct kan citeren zonder extra context.

Eindigt het blog met een FAQ-sectie van drie tot zes vragen? Met directe antwoorden van 30 tot 50 woorden per vraag.

Checklist: technische elementen

Heeft het blog een unieke meta-description in Yoast? Maximaal 156 tekens, met het focus zoekwoord erin, en een duidelijke beschrijving van wat de lezer krijgt.

Hebben alle afbeeldingen een beschrijvende alt-tekst? Niet “foto” of een bestandsnaam, maar een zin die beschrijft wat er te zien is én de koppeling maakt naar het onderwerp.

Is het focus zoekwoord groen in Yoast? En staat het in de eerste alinea, in een tussenkop en in de meta-description?

Gebruik je het Yoast FAQ-blok voor je FAQ-sectie? Dat voegt automatisch FAQPage-schema toe, wat de kans op citatie door AI aanzienlijk vergroot.

Is je auteursprofiel volledig ingevuld? Naam, bio en je expertise zichtbaar op de pagina. AI-tools letten steeds meer op wie de auteur is.

Checklist: relevantie en actualiteit

Is de informatie in het blog nog actueel? AI-tools geven de voorkeur aan recente content. Content freshness is een belangrijk signaal: AI geeft de voorkeur aan nieuwere content en websites die regelmatig worden bijgewerkt. Een blog uit 2021 met verouderde informatie wordt minder snel geciteerd dan een blog dat recent is bijgewerkt.

Beantwoordt het blog een vraag die jouw klant écht stelt? Niet een vraag die jij interessant vindt, maar een vraag die iemand in een AI-tool zou typen. Als je twijfelt: stel de vraag aan ChatGPT en kijk of jouw blog het antwoord zou kunnen zijn.

Linkt het blog intern naar andere relevante pagina’s op je website? Interne links helpen AI begrijpen hoe je content samenhangt en versterken je autoriteit op een onderwerp.

Wat doe je met de resultaten?

Heb je meer “nee” dan “ja”? Geen paniek. Begin met de drie aanpassingen die de meeste impact hebben: het snel antwoord-blok toevoegen, de tussenkoppen omzetten naar vragen en een FAQ-sectie toevoegen. Die drie aanpassingen alleen al maken een groot verschil.

Heb je overwegend “ja”? Dan ben je al goed op weg. Controleer dan de technische elementen en kijk of de content nog actueel is. Soms is een kleine update aan een bestaand blog genoeg om het weer relevant te maken voor AI-tools.

Pagina’s die een samenvattingsblok toevoegen, vijf tot acht FAQ-antwoorden en een bijgewerkte publicatiedatum, scoren aantoonbaar beter in AI-antwoorden. Drie kleine aanpassingen, groot resultaat.

En nu?

Je hebt de hele serie doorlopen. Van waarom AI-zichtbaarheid belangrijk is, naar hoe je schrijft voor antwoorden, hoe je een blog opbouwt dat AI wil citeren, welke technische elementen een rol spelen en nu een concrete checklist om je bestaande content te doorlichten.

De volgende stap is simpel: pak één blog, doorloop de checklist en maak één aanpassing. Dan de volgende. Kleine stappen, consistent volgehouden, maken het grootste verschil.

Je hoeft het niet allemaal tegelijk perfect te doen. Je hoeft alleen te beginnen.

Veelgestelde vragen

Hoeveel blogs moet ik doorlichten?

Begin met je drie tot vijf meest bezochte blogs of de blogs over de onderwerpen waarop je het meest gevonden wilt worden. Die hebben de meeste impact. Daarna kun je geleidelijk de rest doorlopen, bijvoorbeeld één blog per week.

Hoe weet ik of mijn aanpassingen effect hebben?

Doe de test die we in deel 1 beschreven: open ChatGPT of Perplexity en stel de vraag die jouw klant zou stellen. Verschijn jij in het antwoord? Kijk ook in Google Search Console naar je impressies en klikken. Die geven een goed beeld van hoe je content scoort.

Moet ik oude blogs verwijderen als ze niet meer actueel zijn?

Niet meteen. Bekijk eerst of je ze kunt bijwerken met actuele informatie. Een bijgewerkt blog met een nieuwe publicatiedatum presteert vaak beter dan een nieuw blog over hetzelfde onderwerp. Verwijder alleen blogs die volledig verouderd zijn en waarvoor geen actuele versie mogelijk is.

Hoe vaak moet ik deze checklist herhalen?

Doe een volledige doorlichting van je belangrijkste content eens per kwartaal. Voor nieuwe blogs gebruik je de checklist direct bij het schrijven, zodat je meteen goed begint

Wat als ik merk dat mijn hele website eigenlijk niet klaar is voor AI?

Dan heb je goed nieuws: je weet nu precies wat je moet doen. Begin bij je meest bezochte pagina’s en werk van daaruit. Je hoeft niet alles tegelijk aan te pakken. Elke pagina die je optimaliseert is een stap vooruit, en die stappen tellen op

Dit staat er achter je tekst en AI let er wél op

De technische kant van zichtbaarheid, simpel uitgelegd

De technische kant van zichtbaarheid, simpel uitgelegd

technische SEO voor AI-zichtbaarheid uitgelegd voor ondernemers

Blogserie: Hallo, ChatGPT? Ken je mij? | Deel 4 van 5

Snel antwoord:
Achter elke webpagina zit een technische laag die AI-tools helpt om je content te begrijpen. Je hoeft geen developer te zijn om daar iets mee te doen. Drie dingen maken het grootste verschil: een goede meta-description, beschrijvende alt-teksten bij afbeeldingen en schema markup via Yoast. Allemaal dingen die je zelf kunt regelen.

In deel 3 las je hoe je een blog opbouwt dat AI wil citeren: met een snel antwoord bovenaan, koppen in vraagvorm en een sterke FAQ-sectie. Maar er is nog een laag die de meeste ondernemers volledig overslaan. Een laag die je niet ziet als je je eigen website bezoekt, maar die AI-tools wél lezen. En die bepaalt mede of jouw content wordt begrepen, vertrouwd en geciteerd.

Geen paniek. Je hoeft er geen developer voor te zijn. En je hoeft ook niet uren in de techniek te duiken. Er zijn drie dingen die je zelf kunt doen, en die een groot verschil maken.

Wat leest AI eigenlijk als het jouw website bezoekt?

Als jij jouw website bezoekt, zie je tekst, afbeeldingen en een mooi design. Als een AI-tool jouw website bezoekt, ziet die iets heel anders. Die leest de onderliggende code: titels, beschrijvingen, labels bij afbeeldingen en gestructureerde data die vertelt wat de pagina betekent en voor wie die bedoeld is.

Dat is de technische laag waar we het over hebben. En hoewel je die laag nooit ziet als gewone bezoeker, is het precies wat AI gebruikt om te bepalen of jouw content betrouwbaar en relevant genoeg is om te citeren.

Het goede nieuws: Yoast SEO (of een andere), dat je waarschijnlijk al gebruikt, regelt een groot deel van deze technische laag automatisch. Je hoeft alleen te weten welke knoppen je moet omzetten.

Wat doet een goede meta-description?

De meta-description is de korte tekst die onder je paginatitel verschijnt in Google. Twee regels tekst, maximaal 156 tekens. De meeste ondernemers laten dit veld leeg of laten WordPress er automatisch iets van maken. Dat is zonde, want die twee regels doen meer dan je denkt.

Voor Google is de meta-description een uitnodiging om door te klikken. Voor AI is het iets anders: het is een directe samenvatting van wat de pagina biedt. Een heldere, informatieve meta-description helpt AI om snel te begrijpen waar jouw pagina over gaat en of die relevant is voor een vraag van een gebruiker.

Schrijf voor elke pagina en elk blog een unieke meta-description. Begin met je focus zoekwoord, beschrijf in één zin wat de lezer krijgt en houd het onder de 156 tekens. Yoast geeft direct aan of je op de goede weg zit met een groen, oranje of rood balkje.

Waarom zijn alt-teksten bij afbeeldingen zo belangrijk?

AI-tools kunnen afbeeldingen niet zien zoals mensen dat doen. Ze lezen de alt-tekst: een korte beschrijving die je bij elke afbeelding kunt toevoegen. Die alt-tekst is oorspronkelijk bedoeld voor mensen met een visuele beperking, maar heeft inmiddels een tweede functie gekregen: het helpt zoekmachines én AI begrijpen wat er op een afbeelding staat en hoe die bijdraagt aan de context van de pagina.

Veel ondernemers laten dit veld leeg of vullen er iets in als “afbeelding1” of de bestandsnaam van de foto. Dat is een gemiste kans. Een goede alt-tekst beschrijft wat er te zien is én maakt de koppeling naar het onderwerp van het blog. Bij dit blog zou dat bijvoorbeeld zijn: “technische SEO voor AI-zichtbaarheid uitgelegd voor ondernemers.”

In WordPress voeg je de alt-tekst toe als je een afbeelding uploadt of bewerkt. Het kost je tien seconden per afbeelding en het maakt je content direct beter vindbaar voor zowel Google als AI.

Wat is schema markup en moet ik daar iets mee?

Schema markup klinkt technisch en dat is het ook, maar je hoeft er zelf niets aan te programmeren. Het is gestructureerde data die aan je website wordt toegevoegd om AI en zoekmachines te vertellen wat de inhoud van een pagina betekent. Niet alleen wat er staat, maar wat het ís.

Schema markup zoals FAQPage, Article en HowTo geeft extra context aan je content, wat AI-systemen helpt om de inhoud beter te begrijpen en weer te geven.

Yoast regelt een groot deel van de schema markup automatisch. Als je een blog publiceert, voegt Yoast automatisch Article-schema toe. Als je het FAQ-blok gebruikt in WordPress, voegt Yoast automatisch FAQPage-schema toe. Je hoeft er zelf niets voor te doen, behalve die functies gebruiken.

Wat je wél zelf kunt controleren: vul je auteursprofiel in WordPress volledig in. Naam, bio, eventueel een foto. AI-tools letten steeds meer op wie de auteur is van een stuk content en of die persoon als expert kan worden beschouwd. Een leeg auteursprofiel is een gemiste kans om vertrouwen op te bouwen.

Wat is E-E-A-T en waarom doet het ertoe?

E-E-A-T staat voor Experience, Expertise, Authoritativeness en Trustworthiness. Het is het framework dat Google gebruikt om te beoordelen of een bron betrouwbaar genoeg is om hoog te ranken, en AI-tools hanteren vergelijkbare criteria om te bepalen welke bronnen ze citeren.

In gewone taal: laat zien wie je bent, wat je weet en waarom mensen jou kunnen vertrouwen. Dat doe je niet met mooie woorden, maar met concrete signalen. Een volledig auteursprofiel, een duidelijke over mij-pagina, links naar betrouwbare externe bronnen in je blogs en consistente inhoud die aantoont dat je weet waar je het over hebt.

Wie nu begint met het optimaliseren van zijn website voor AI én Google, bouwt aan duurzame zichtbaarheid voor de komende jaren. Youvia En het begint bij kleine, concrete stappen die je vandaag al kunt zetten.

Wat kun je vandaag nog doen?

Drie dingen, in volgorde van impact:

Controleer of al je blogs en pagina’s een unieke meta-description hebben. Open Yoast onderaan elke pagina en kijk of het groene balkje bij “Meta-description” brandt. Is dat niet zo, schrijf er dan één.

Voeg alt-teksten toe aan je afbeeldingen. Ga naar je WordPress-mediabibliotheek en controleer of je afbeeldingen een beschrijvende alt-tekst hebben. Vul de lege velden in.

Vul je auteursprofiel in. Ga naar je WordPress-gebruikersinstellingen en zorg dat je naam, bio en expertise duidelijk zijn ingevuld. Dat kost je vijf minuten en geeft AI direct een betere indruk van wie jij bent.

Meer hoeft het niet te zijn om vandaag al een stap vooruit te zetten.

In het laatste deel van deze serie brengen we alles samen: een praktische checklist waarmee je je bestaande content kunt doorlichten en de grootste kansen kunt identificeren.

👉 Lees deel 5: Is jouw content klaar? Je vindt het hier binnenkort.

Moet ik technische kennis hebben om schema markup toe te voegen?

Nee. Als je Yoast SEO gebruikt in WordPress, wordt de meest essentiële schema markup automatisch toegevoegd aan je pagina’s en blogs. Het FAQ-blok in Yoast (zoals ik deze hier ook gebruik) voegt automatisch FAQPage-schema toe. Je hoeft zelf geen code te schrijven.

Wat is het verschil tussen een meta-description en een blogtitel?

De blogtitel is de H1-kop die je lezer ziet bovenaan je pagina. De meta-description is de korte tekst die verschijnt onder je paginatitel in Google. Beide zijn belangrijk, maar voor verschillende redenen. De titel trekt de aandacht, de meta-description overtuigt om door te klikken én helpt AI begrijpen waar de pagina over gaat.

Hoe lang moet een alt-tekst zijn?

Kort en beschrijvend: één tot twee zinnen van maximaal 125 tekens. Beschrijf wat er op de afbeelding staat én maak de koppeling naar het onderwerp van de pagina. Vermijd vage beschrijvingen zoals “foto” of “afbeelding.”

Wat is E-E-A-T en hoe verbeter ik dat?

E-E-A-T staat voor Experience, Expertise, Authoritativeness en Trustworthiness. Je verbetert het door een volledig auteursprofiel in te vullen, een duidelijke over mij-pagina te hebben, te linken naar betrouwbare externe bronnen en consistent inhoudelijk sterke content te publiceren die aantoont dat je weet waar je het over hebt

Heeft de laadsnelheid van mijn website ook invloed op AI-zichtbaarheid?

Ja, een trage website wordt minder goed gecrawld door zowel Google als AI-tools. Gebruik Google PageSpeed Insights om te controleren hoe snel je website laadt en welke verbeterpunten er zijn. Dit valt buiten het bestek van deze serie, maar het is zeker de moeite waard om te checken.