
Snel antwoord
Context is alle achtergrondinformatie die AI nodig heeft om jou te begrijpen. Zonder context produceert AI generieke teksten die nergens op slaan. Met de juiste context krijg je resultaten die klinken alsof jij ze zelf geschreven hebt.
Waarom geeft AI me altijd zo’n standaardtekst terug?
Vorige week zat ik een mail te schrijven voor een klant. Relaxte ondernemer, we werken al jaren samen en dat zie je terug in hoe we communiceren: direct, persoonlijk, geen gedoe. Ik dacht: laat ik ChatGPT eens vragen om een concept. Dus zonder context type ik: “Schrijf een e-mail over de vertraging van het project.”
Het resultaat? Een perfect geformuleerd, volledig steriel zakelijk schrijven. Compleet met zinnen als “Wij hopen u hiermee van dienst te zijn geweest.” Dit paste totaal niet bij de tone of voice van deze klant, die normaal gewoon “Hé!” als opening gebruikt.
Het probleem was niet ChatGPT. Het probleem was dat ik AI behandelde alsof het mij al kende. Maar AI weet niets over jou. Het gaat uit van gemiddelden. Vraag je om een e-mail? Je krijgt een standaard zakelijke e-mail. Vraag je om een LinkedIn-post? Je krijgt wat de meeste mensen waarschijnlijk verwachten. Jij bent niet gemiddeld. Jouw klanten zijn niet gemiddeld. Jouw situatie is niet gemiddeld. En toch behandelt AI je zo, tenzij jij hem anders instrueert.
Wat is context in een AI-prompt eigenlijk?
Context is alle achtergrondinformatie die AI nodig heeft om jouw situatie te begrijpen. Denk aan een nieuwe collega die net begint. Die weet ook niet hoe jullie intern communiceren, wat voor klanten jullie hebben, of wat de bedrijfscultuur is. Het verschil is dat een nieuwe collega dat vanzelf leert door mee te luisteren en vragen te stellen. AI kan dat niet. Die zit vast zonder toegang tot jouw hoofd, je bedrijf of de situatie waarin je zit.
Daarom moet jij die context aanleveren. Niet één keer, maar elke keer opnieuw. En hoe specifieker je bent, hoe beter het resultaat aansluit op wat jij nodig hebt.
Welke informatie heeft AI eigenlijk nodig?
Er zijn vijf soorten context die samen het verschil maken tussen een weggooi-antwoord en iets wat je direct kunt gebruiken.
De eerste is wie jij bent. AI moet weten vanuit welke rol je spreekt. Ben je een freelancer, een consultant, een bedrijfseigenaar? Werk je in marketing, de bouw, of de zorg? Hoe lang doe je dit al? AI past daar zijn toon, complexiteitsniveau en voorbeelden op aan. “Ik ben een freelance webdesigner met acht jaar ervaring” geeft AI al genoeg om mee te werken. Zonder die informatie schrijft AI voor niemand in het bijzonder, en dat lees je er ook aan af.
De tweede is voor wie je schrijft. Dit is waar veel mensen de fout ingaan. Ze zeggen “ik schrijf voor een klant” en laten het daarbij. Maar wat voor klant? Een multinational of een eenmanszaak? Iemand die al jaren met je samenwerkt of een nieuwe prospect? Iemand die technisch onderlegd is of juist niet? De doelgroep bepaalt alles: welke toon je gebruikt, welke voorbeelden je geeft, hoe gedetailleerd je wordt en zelfs welke woorden je vermijdt.
De derde is de situatie. Is het urgent? Gevoelig? Een follow-up na een teleurstellende meeting? De lancering van iets nieuws? Dezelfde informatie deel je heel anders in een crisissituatie dan in een relaxte update. “Het project loopt een week vertraging op door technische problemen en de klant is gefrustreerd” geeft AI precies genoeg om de juiste toon te vinden.
De vierde is het doel. Wat wil je bereiken met je tekst? Informeren? Iemand overtuigen? Vertrouwen herstellen? Zonder doel schrijft AI informatief, maar misschien heb je helemaal geen informatie nodig. Misschien wil je dat iemand ja zegt op je voorstel, of dat mensen reageren op je LinkedIn-post. Met het doel erbij wordt je tekst veel gerichter.
De vijfde is hoe jij klinkt. Dit is misschien wel de belangrijkste. Jij communiceert op jouw manier. Sommigen zijn formeel, anderen juist heel relaxt. Sommigen maken graag een grapje, anderen houden het serieus. Zonder deze context klinkt alles wat AI schrijft hetzelfde. En dat is precies wat je niet wilt.
Hoe ziet dat er in de praktijk uit?
Terug naar die mail over de projectvertraging. Zo ging het in de praktijk, iteratie voor iteratie.
Eerste poging, zonder context: “Schrijf een e-mail over de vertraging van het project.” Resultaat: stijf, formeel, uitwisselbaar. Niets mis mee als generieke e-mail, maar het was niet voor een generieke klant.
Tweede poging, met een beetje toon: “Schrijf een informele e-mail over projectvertraging.” Iets beter, maar nog steeds niet de stijl die ik wilde. Te weinig informatie over de situatie.
Derde poging, met rol en relatie: “Ik ben een freelance content specialist en schrijf voor een vaste klant met wie ik al jaren samenwerk. Schrijf een persoonlijke e-mail over een projectvertraging van een week.” Nu werd het interessant. De toon was opeens veel natuurlijker.
Vierde poging, met alle vijf contextsoorten erin: “Ik ben een freelance content specialist en schrijf voor Jan van een marketingbureau waarmee ik al drie jaar samenwerk (wie ben ik en voor wie schrijf ik). Het project loopt een week vertraging op door technische problemen (de situatie). Ik wil eerlijk zijn over wat er gebeurd is en een nieuwe deadline geven (het doel). Mijn stijl: direct, persoonlijk, geen corporate taal (hoe ik klink).”
Bingo. Dit was een mail die ik kon versturen. Vier iteraties, elke keer één contextsoort toegevoegd, en het resultaat werd elke keer zichtbaar beter. Dat is hoe context werkt.
Hoe doe ik dit slim en snel?
Je hoeft dit niet elke keer opnieuw uit te vinden. Maak één keer een context-profiel voor jezelf en gebruik het steeds opnieuw. Zoiets als: “Ik ben [je rol], werk vooral met [doelgroep], en mijn stijl is [beschrijving van hoe je communiceert]. Ik gebruik geen vakjargon en begin graag met een concrete situatie of voorbeeld.” Dat profiel plak je bovenaan elke prompt waar je persoonlijke teksten voor nodig hebt. Het scheelt tijd en zorgt voor consistentie.
Wel twee dingen om op te letten. Ten eerste: meer context is niet altijd beter. Als je prompt langer wordt dan de tekst die je wilt ontvangen, ben je te ver gegaan. Begin met de vijf basissoorten en voeg alleen meer toe als het resultaat nog niet goed genoeg is. Ten tweede: AI onthoudt niets tussen verschillende gesprekken. Start je een nieuwe chat, dan is alle context weg. Begin daarom elke nieuwe chat opnieuw met je basiscontext, ook al voelt dat overbodig.
Je weet nu genoeg om te beginnen. Pak een prompt die je de afgelopen week gebruikte, voeg de vijf contextsoorten toe, en kijk wat er verandert.
Veelgestelde vragen over context in AI-prompts
Genoeg om de situatie te begrijpen, niet zo veel dat het verwarrend wordt. Een goede vuistregel is drie tot vijf zinnen basiscontext (wie je bent, voor wie je schrijft, wat het doel is) plus de specifieke situatie-informatie. Test wat werkt voor jouw type prompts en bouw van daaruit verder.
Ja, AI kan overprikkeld raken door te veel tegenstrijdige of irrelevante informatie. Begin met de belangrijkste context en voeg meer toe als het resultaat nog niet goed genoeg is. Als je prompt langer is dan de tekst die je wilt ontvangen, is dat een teken dat je te ver bent gegaan.
Binnen één gesprek onthoudt AI de context. Maar start je een nieuwe chat, dan moet je opnieuw beginnen. Maak daarom een standaard context-profiel dat je kunt kopiëren en aanpassen. Dat kost je één keer tien minuten en bespaart je daarna elke keer opnieuw tijd.
Geef AI een voorbeeld van je eigen werk. Zeg: “Hier is een tekst die ik eerder schreef. Schrijf de nieuwe tekst in dezelfde stijl.” AI leert veel sneller van voorbeelden dan van beschrijvingen. Heb je geen oud werk bij de hand, beschrijf dan wat je absoluut niet wilt. Dat geeft AI ook al genoeg houvast.
Ja, en dat is een slimme aanpak. Je kunt AI letterlijk vragen: “Ik wil een e-mail schrijven voor een gefrustreerde klant over een projectvertraging. Help me een goede prompt op te bouwen.” AI helpt je dan de context stap voor stap invullen, waarna je de prompt in een nieuwe chat gebruikt voor het echte resultaat. Het werkt het beste als je zelf al een richting hebt.